Wannes in Jazz - Jokke Schreurs Quartet

 

Er zijn de laatste jaren nogal wat Wannes-Van-de-Velde-programma's op de Vlaamse planken verschenen, en dat is terecht. Sommige van die programma's hadden een invalshoek, andere niet. Waar in ieder geval geen enkel van die programma's over ging, was over de zuiver muzikale kwaliteiten van het geheel aan kunstenaars dat te vatten is onder de noemer “Wannes Van de Velde”. Dat is dan wat dit programma wél doet. Dit programma heeft het niét over de teksten, niét over de liederen, dit programma gaat enkel en alleen over de compositorische kwaliteit van het Wannes-oeuvre.

 

Wat is een goede compositie? Een goede compositie is een stuk muziek dat zich op vele domeinen kan laten toepassen. Een goede melodie is een melodie die zich even goed laat spelen door een symfonie-orkest als op een xylofoon, en toch telkens dezelfde melodie blijft. Een goede harmonisering is een klankdecor waarbinnen die melodie volledig en ongecomplexeerd tot uiting komt... Wie leverde dat soort dingen, goede composities? Bach deed dat, Cole Porter..., Duke Ellington... allez, al bij al genomen deden meerdere doch toch nog steeds een beperkt aantal mensen dàt.

 

Sommige goede melodieën werden door Jazz-muzikanten onder handen genomen en werden aldus “Standards”, melodieën die iedereen in de stiel kent, kan spelen en waar men naar hartelust zijn of haar ding mee kan doen.

 

Het Wannes-Van-de-Velde-repertoire bevat héél veel goede melodieën.

 

Laat ons dat dan maar eens in de verf zetten.

 

Laat ons een stel goede jazz-muzikanten verzamelen, een paar die het repertoire kennen, een paar die het helemaal niet kennen. Jokke Schreurs kent het repertoire, en verzamelt de muzikanten. Hij speelt gitaar. Henk de Laat kent het repertoire niet, hij is in 's Hertogenbosch op de wereld geworpen en heeft zelfs moeite om de teksten hoegenaamd te verstaan. Hij levert dus niet alleen een frisse kijk, hij speelt ook contrabas en zingt (scat, uiteraard, want we doen de muziek zonder de teksten). Luc Vanden Bosch was er tot nu toe niet zoveel mee bezig, had hij geen tijd voor, hij had het te druk met spelen met zowat iedereen die op jazz-gebied iets voorstelt in dit land. Hij drumt. En als hij vrij is, komt Sam Vloemans mee. Hij kent het en speelt trompet.

 

Jokke Schreurs: guitar

Henk de Laat: bass/scat

Luc Van den Bosch: drums/ percussion

Sam Vloemans: trumpet

 

Jokke Schreurs Quartet (BE) Djangofolies

 

Wannes meets Django

Jokke Schreurs (guitar), Henk de Laat (double bass, scat), Luc Vanden Bosch (drums, percussion), Sam Vloemans (trumpet).

Wannes Van de Velde is vooral in Vlaanderen bekend als bard en liedschrijver, veel minder als componist. Nochtans hebben Wannes en de zijnen (denk maar aan Walter Heynen) een schat aan schitterende composities afgeleverd, die ook zonder tekst moeiteloos overeind blijven.

 

Jokke Schreurs wil met zijn kwartet dit minder bekend aspect van Wannes Van de Velde speciaal belichten. Met hun project ‘Wannes meets Django’ willen ze aantonen dat de geleverde composities van het instituut Wannes Van de Velde zo sterk zijn, dat ze even goed Jazz Standards kunnen worden als die van Duke, Django, Cole Porter of Gershwin. Ze hopen hiermee ook de kwaliteiten als componist van de zanger-troubadour beter te doen appreciëren. Jokke Schreurs is bekend als gitarist en vertolker van de muziek van Django. Nu voegt hij er die van Wannes aan toe. Hij speelde o.a. met Warre Borgmans, Tanguedia, Miel Cools en Guido Belcanto en een paar keer met Wannes zelf.

 

Multi-instrumentalist Sam Vloemans is een creatieve duizendpoot die we niet zomaar in een hokje kunnen duwen. Geboren in Curaçao kreeg hij de Zuid-Amerikaanse muziek met de paplepel mee, maar evengoed verrijkte hij zich met jazz, soul en pop. Hij speelt trompet, bugel, percussie en timbales, schrijft eigen composities en arrangeert werken.

 

Bassist en vocalist Henk de Laat speelde o.a. met Enrique Tarde, Denise Jannah, Shirley Bassey, Pieter Embrechts, Bob Mallach, Rita Reys en Bob Mincer, ....Hij heeft zich de laatste jaren vooral gespecialiseerd als vocalist en componist met een heel eigen stijl in de richting van Bobby McFerrin en All Jarreau met veel invloeden uit de wereldmuziek.

 

Luc Vanden Bosch heeft reeds meerdere laureaatprijzen op zijn naam staan (Jazz-Hoeilaart en AVRO-Jazz). Dit gaf hem de kans om als freelance percussionist in het BRT Jazz Orkest te spelen onder leiding van Etienne Verschueren. Hij speelde samen met Vaya con Dios, Rony Verbiest, Olla Vogala, Johan Clement Trio, Arne Van Coillie Trio, ...

 

Wat zou er gebeurd zijn als Django Wannes had kunnen kennen? Dit misschien ...

Recensie Dani Heyvaert voor Rootstime

 

Nooit gedacht dat ik een CD zou mogen recenseren van een artiest van bij ons, die niet eens een website blijkt te hebben en van wie de Youtubefilmpjes niet in bosjes over elkaar heen struikelen, maar we zijn dus zover. Jokke Schreurs, krijger van heel veel muzikale oorlogen, jazzmens van bijzonder hoge rang en vooral: vleesgeworden minzaamheid met het hart altijd op de juiste plaats, scoort zeer hoog in de ranglijst der favoriete muzikanten ten huize H. Weze het in triovorm, of als begeleider van Warre Borgmans, al dan niet in combinatie met Dave Reniers, of samen met Hans Mortelmans, als spil van de Sociale Jukebox, of als draaischijf van de strijdliederen van Pete Seeger of Woody Guthrie: als Jokke op de planken staat, gebeurt er iets.

 

Vandaag is hij er weer, met een plaat waarvan iedereen, die hem kent, al enige tijd aanvoelde dat ze er zat aan te komen: een CD waarop Jokke de muziek van Wannes Van De Velde naar eigen zeggen “ver-jazz-t” en die speelt zoals Django Reinhardt dat zou hebben kunnen doen, als hij nog onder ons geweest was. Dat betekent -onder meer en zelfs vooral- dat de aandacht op de liederen wordt toegespitst, maar dat je dus de o zo typische stem van Wannes niet meegeleverd krijgt. Dit gaat dus om Wannes-de-componist, terwijl we allemaal opgegroeid zijn met Wannes-de-Zanger.

 

Het project waaruit deze CD geboren werd, staat al een paar jaar in de steigers en kadert in de onvolprezen Djangofollies concertenreeks, die nu al bijna een kwarteeuw lang de erfenis van Django levend wil houden en, zo blijkt ook nu weer, niet te beroerd is om artiesten de kans ter geven zelf iets aan te vangen met die erfenis. Hulde alom, dus, want geef toe: dit is toch dubbel-op?

 

Nu, Jokke moet beter dan wie ook geweten hebben dat dit project geen klusje van niets zou worden en hij omringde zich dan ook met drie toppers uit de jazzwereld-van-bij-ons: er is bassist Henk de Laat, nuchtere Nederlander van geboorte en eigenaar van een curriculum waar je alleen maar verbaasd kunt naar staren: van Shirley Bassey via het Metropool Orkest tot Rita Reys en Rony Verbiest…daar kun je al mee buiten komen, zeker als je daarenboven de kunst van het scatten meer dan meester bent. Op drums is er de meesterlijke Luc Vanden Bosch, die ook al wel wat gezien heeft: Vaya Con Dios, het BRT-jazzorkest van Etienne Verschueren, Clark Terry, Philip Cathérine, Art Farmer en, niet te vergeten…Toots Thielemans: allemaal maakten ze van zijn diensten gebruik.

 

Youngster van de club is Sam Vloemans, wiens trompetklank zelfs bij heel jonge mensen bekend is, via z’n werk bij Buscemi en Gabriël Rios, maar die ook ander moois mee vorm gaf, zoals de Duveltjeskermis van Esméé Bos en Bart Voet en platenwerk van Dez Mona en Pieter Embrechts. Met zo’n kwartet kun je natuurlijk vanzelf het moeilijkste werk aan, maar wat aan deze CD vooral opvalt, is dat er bijzonder hard gewerkt is aan de arrangementen van nummers die in ons collectief geheugen gegrift staan. Aan nummers raken als “M’n Mansarde” of “De Dansende Begijn”, dat doe je niet zonder risico, maar ik mag u al vooraf geruststellen: de lat wordt dan wel bijzonder hoog gelegd, maar het Quartet slaagt er keer op keer in ze zonder accidenten te overschrijden.

 

Er wordt geopend met “Den Herder met één Schaap”, dat al meteen swingt al de beesten: trompet, gitaar, drums en bas kronkelen wellustig om elkaar heen en, zoals het hoort, krijgt elk instrument een solootje, zodat de toon gezet is. “Mijn Mansarde” krijgt een lui en loom, zomers ritme aangemeten, waardoor je je die mansarde levendig kunt voorstellen: het is mooi weer, de temperatuur onder de pannen loopt op tot boven de dertig graden en je hoort de afwezige ik-persoon mijmeren over de Dingen des Levens. Knap ! Dan volgt “Café Breughel”, waarin flamencotonen en een boleroritme gecombineerd worden met een Djangofrasering en je bijgevolg een heel andere song krijgt dan je gewend bent van Wannes te horen.

 

“Arabia” krijgt een pachuco percussie mee, waartegen de gitaar van Jokke op de wijze van Larry Carlton loos mag gaan: dit had van Manuel Galban kunnen zijn en het is bijzonder mooi. Nadien krijgt de trompet weer de gelegenheid tot schitteren in “De Dansende Begijn”: de borsteltjes van Vanden Bosch leggen knappe patronen neer en afwisselend doen de trompet, de bas en de gitaar daar hun voordeel mee. Nadien is het tijd voor wellicht de meest verrassende bewerking: “Jef heeft me ’n Sjiek gerefuseerd” begint met allerlei vreemde geluidjes, waarvan je zou durven denken dat ze uit een doosje komen, maar daarmee zou je de percussiekunstenaar Vanden Bosch onrecht aandoen. In minder dan twee minuten wordt hier een bossa-schilderijtje gemaakt, dat even verrassend eindigt als het begint. Van schilderijen gesproken: de CD-hoes wordt gesierd door een afbeelding van een schilderij van Wannes zelf -vandaar de “Aquarel” in de titel.

 

Voorlaatste nummer is een haast klassiek aangeklede “De Zwarte Rivier”, waarin Sam Vloemans heel veel speelruimte krijgt en die ook weet te benutten, net zoals Henk de Laat even de hoofdrol mag spelen en dat met verve doet. Afsluiter van dienst is, hoe kan het ook anders?- “Ik Wil Deze Nacht In de Straten Verdwalen”, dat prachtnummer uit ‘Home Sweet Home” van Benoit Lamy, waarin de meesterhand van wijlen Walter Heynen, ook na de bewerking van Jokke, met fraai scatstukje van Henk de Laat, duidelijk aanwezig blijft. Dit is een zeven minuten lang orgelpunt van een plaat die mij ontzettend blij maakt: niet alleen is de “vertaling” van het werk van Wannes naar dat van Django geslaagd, deze plaat heeft nog meer grote verdiensten. Met name dat Wannes én Django vermoedelijk opnieuw wat meer aandacht zullen krijgen, maar zeker ook dat het Quartet er meteen een plaats mee verovert, die uitzicht biedt op Internationale Aandacht. Geen idee of de heren dat nastreven, maar ik had begrepen dat ze het oeuvre van Wannes-de-componist onder de aandacht wilden brengen. Nou, dat kon bezwaarlijk beter dan met dit plaatje. Eenenveertig minuten heerlijke muziek die, zelf ondervonden bij sommige huisgenoten, ook de muziekliefhebbers aanspreekt, die niet meteen jazzcats zijn. Ik heb nogal wat mensen in mijn omgeving, die de komende tijd jarig zijn. Die gaan wat meemaken….

 

(Dani Heyvaert).

PS: toch één vraagje: ik begrijp dat “Kerstmis is die dag dat ze niet schieten” niet op deze plaat staat, maar ik hoorde de heren hun interpretatie daarvan spelen op de openingsavond van Djangofollies en ik vind dat die versie schreeuwt om uitgebracht te worden op CD. Iemand?

©Henk de Laat All rights reserved